Alles over sport logo

Hoe begeleid je kinderen met autisme tijdens sport en bewegen?

Sport en bewegen kan voor kinderen met autisme een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van hun sociaal-emotionele vaardigheden. Hoe kun je hier als trainer op inzetten? In dit artikel vind je werkzame elementen en concrete tips om je begeleiding bij de doelgroep te laten aansluiten. 

Om kinderen met autisme succesvol mee te laten doen met sport, is het creëren van een goede en een bij het kind aansluitende ‘pedagogische sportcontext’ belangrijk[1]. Die context wordt gevormd door aan de ene kant de juiste randvoorwaarden te scheppen op een club, in teams, tijdens een training en tijdens wedstrijden. En aan de andere kant door de juiste werkzame elementen in te zetten, die de doelgroep helpen in een fijne sportbeleving.

Verdiep je in autisme

Een eerste stap is om je te verdiepen in autisme en hoe dit doorwerkt in sportdeelname. Wat vraagt het lesgeven aan kinderen met autisme van jou als trainer en jouw sportclub. Hoe kun je deze kinderen het beste begeleiden? 

Voldoende basiskennis helpt om misverstanden te voorkomen en trainingen beter aan te laten sluiten bij de kinderen. Dit kun je doen door het volgen van opleidingen en cursussen en het opdoen van praktijkervaring. Gesprekken met het kind en de ouders, en bewust reflecteren op je eigen handelen, helpen. Een open houding en intrinsieke motivatie van een trainer is belangrijk: trainen omdat je het leuk en uitdagend vindt, niet omdat het moet. 

Maak het onderwerp bespreekbaar binnen de club en onderzoek of collega-trainers interesse hebben om gezamenlijk bijvoorbeeld een cursus of workshop te volgen. Door kennis, ervaring en de juiste attitude te combineren, kun je werken aan een pedagogische en inclusieve sportomgeving. 

Tip: monitor het kind

Als trainer kun je kennis verkrijgen over de groei van het kind door te monitoren. Je houdt bij hoe het kind zich gedraagt, wat de ontwikkeling is op sporttechnisch gebied[2], hoe je het kind ziet ontwikkelen op sociaal vlak[3] en wat de handelingen van jezelf daarbij waren.

Werkzame elementen voor sportplezier

Kennis over autisme en inspelen op de behoeften van kinderen is essentieel. Ook blijken bepaalde methoden effectief om kinderen met autisme deel te laten nemen aan sport en ze een plezierige sportervaring te geven. Maar wat zijn de werkzame elementen?

1. Creëren van succesmomenten

Als trainer creëer je succeservaringen door zelf actief mee te doen in het spel en de oefeningen. Hierdoor kun je niet alleen het winnen of verliezen beïnvloeden, maar ook het niveau afstemmen op het kind en een positieve leeromgeving creëren. Het is belangrijk dat kinderen begrijpen dat fouten maken niet erg en juist wel goed is. Ook kunnen trainers ervoor zorgen dat hun deelnemers zelfvertrouwen krijgen door ze als voorbeeld te laten dienen, te laten fluiten of de tijd bij te laten houden.

2. Voorspelbaarheid creëren 

Veel trainers gebruiken een vorm van competitie tijdens de training, (zoals een eindspel of de kinderen als scheidsrechter laten optreden), om kinderen met autisme voor te bereiden op een echte competitie. Op deze wijze wordt er voorspelbaarheid gecreëerd, wat iets is waar kinderen met autisme baat bij hebben. 

Als kinderen meedoen in een daadwerkelijke wedstrijd, complimenteer dan het kind los van het resultaat van de wedstrijd. Om ongepast gedrag bij verlies te voorkomen, maak je van te voren gedragsafspraken over wat te doen bij verlies. Door ervaring op te doen met winnen en verliezen leren de kinderen daarmee omgaan.

3. Bevorderen van samenwerking

Het bevorderen van samenwerking is belangrijk voor het ontwikkelen van sociale vaardigheden. Benoem dat er een teamsport gespeeld wordt of dat samenwerking nodig is voor een goede uitvoering. Voor kinderen met autisme is het belangrijk om regels van spellen goed uit te leggen, zodat ze voorbereid zijn op de omgang met elkaar. 

Een kind met autisme heeft minder inlevingsvermogen. Als er een botsing of ruzie ontstaat, leg dan als trainer rustig uit wat er is gebeurd (je raakte hem per ongeluk met de bal, dat deed pijn) en waarom dat voor de ander vervelend kan zijn. Op die manier begrijpen ze beter wat er fout ging en hoe ze het de volgende keer anders kunnen doen.

Tips voor de training

Hieronder vind je extra tips om kinderen succesvol mee te laten doen[1,4]

Invulling training

  • Bied structuur tijdens de les, zowel in oefeningen als in omstandigheden. Kinderen met autisme raken snel afgeleid. Hou daarom de kinderen zoveel mogelijk in beweging. 
  • Leg oefeningen concreet en volledig uit, eventueel in tussenstappen. Laat een speler de opdracht altijd voordoen en geef ondertussen de toelichting. Gebruik bij voorkeur letterlijk woordgebruik. Voorbeeld: zie je die vier oranje pionnen? In plaats van: zie je daar dat (denkbeeldige) vierkant? 
  • Wees tolerant in het typische gedrag van kinderen met autisme: laat ze soms maar fladderen en rondspringen. Een kind kan hierdoor meer zichzelf zijn in de training en zich meer op zijn gemak voelen.

Aanpassing fysieke omgeving

  • Zorg voor een overzichtelijke, prikkelarme situatie. Denk hierbij aan licht, geluid, aanraking en afbakening van plaats en tijd. 
  • Kondig tijdig veranderingen aan, zoals een ander veld, andere trainer, andere opstelling of andere tijd. Of als dit niet mogelijk is, geef letterlijk ruimte en tijd voor het wennen aan de verandering. 

Communicatie

  • Wees voorspelbaar, consequent en direct.
  • Maak heldere afspraken. Geef terugkoppeling aan de sporter over welke aanpassingen mogelijk zijn en wat de afspraken zijn. Kom deze na en zie toe op naleving ervan.
  • Weet welke sterke kanten/interesses de sporter heeft en gebruik deze om contact te maken en zo nodig als beloning. Maak gebruik van een positieve benadering. Zeg wat het kind wél kan en wat wél moet gebeuren in plaats van niet.
  • Vraag jonge sporters met autisme wat zij nodig hebben om veilig en met plezier te sporten. Houd hierbij rekening dat zelfreflectie en zelfinzicht bij mensen met autisme soms minder ontwikkeld is. Soms zijn kinderen te jong om het zelf uit te leggen. Daarom kan het behulpzaam zijn een ouder of begeleider te betrekken.
  • Wees helder, en niet emotioneel in het geven van feedback bij ongewenst gedrag. Spreek met een rustige toon en vertel een kind wanneer je geraakt bent. Geef aan wat je ziet (feitelijke gedragingen), vraag naar oorzaken en licht toe welk gedrag nodig is om sporten plezierig te houden. Steun de sporter in het aanleren van nieuw gedrag en benoem dit als je het ziet.
  • Gebruik visuele ondersteuning, zoals pictogrammen of foto’s. 
  • Stimuleer positief gedrag door samen afspraken te maken over omgang met elkaar en te bespreken welke gevolgen ongepast gedrag zoals pesten kan hebben, zoals minder speeltijd of overleg met ouders/begeleiders.
  • Denk na over terugtrekmogelijkheden en het ontvangen van steun voor de sporter tijdens de training en maak hierover afspraken met ouders of andere betrokkenen.
  • Ga in gesprek met de club over eventuele gewenste aanpassingen en de achtergrond van de verzoeken.
  • Licht (in overleg met sporter) betrokkenen in (teamgenoten, trainers, ouders, begeleiders, kantinepersoneel, bestuur). Stimuleer binnen het team het teamgevoel en het erbij horen en creëer openheid over ieders kwetsbaarheden en sterke kanten.

Bronnen

  1. Lalush N. Sport voor sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen met autisme [Internet]. Kennisbank Sport en Bewegen. 2016 Jul. Available from: https://www.kennisbanksportenbewegen.nl/?file=7050&m=1467643762&action=file.download
  2. Pan CY . Effects of water exercise swimming program on aquatic skills and social behaviors in children with autism spectrum disorders. Autism [Internet]. 2010;14(1):9–28. Available from: http://onewiththewater.org/downloads/aquatic-skill-&-social-behaviors.pdf
  3. Movahedi A, Bahrami F, Marandi SM, Abedi A. Improvement in social dysfunction of children with autism spectrum disorder following long term Kata techniques training. Research in Autism Spectrum Disorders. 2013 Sep;7(9):1054–61.
  4. Niks C, van den Dool P. Begrijp ik jou? Handreiking voor moeilijk verstaanbaar gedrag binnen beweegsituaties. 1e ed. Arnhem/Deventer: ….daM uitgeverij; 2018. 76 p.